Pa Plepel.
In een sombere donkere nis,
waar meestal een vuurtje is,
Zat een oude man te dromen met zijn lepel in de rijstepap met roome.
Hij zag enkel ' t steeltje en vroeg zich af hoe dat zou komen.
Af en toe nam hij een hap
en stak de lepel vlug weer in de pap, in de pap,.in de rijste,... rijste pa..
pa,.. pap,
En nam toen weer een nieuwe hap.
Dat herhaalde hij menige keer,
Zo ging de lepel op en neer,.... op en weer.... heen en weer .. heen en weer.
Plots was het kopje leeg,
doch de schoongelikte lepel bleef.
verontrust keek hij in zijn bakje,
nu miste hij zijn pap, zijn pa pa papje
en het was zo'n heerlijk ha ha haa, hapje............ Terug>>>gedichten
THL 1411059a.r.v.b.v.d.w.